klassiek voor iedereen

Luxe, Calme et Volupté
De zoet-nostalgische woorden van Baudelaire roepen een wereld op die wij niet meer kennen; de wereld van Huysmans en Proust, van het kwijnende verlangen naar een niet onder woorden gebrachte, onbereikbare volmaaktheid. Componisten als Debussy, Duparc, maar ook Fauré, voelden dit verlangen haarfijn aan, en vingen met hun muziek de teksten in een teder maar helder licht. Wat zouden deze dichters geweest zijn zonder deze componisten? programma
Haydn's "7  Letzte Worte": Passiemuziek na Pasen

De Passietijd wordt in Nederland geheel gedomineerd door de muziek van Bach. Het e-mineur-akkoord waarmee de Mattheus Passion begint lijkt wel te wedijveren met de crocussen en narcissen om kleur te geven aan deze tijd van het jaar. En met succes: mede door die muziek is deze tijd, waarin de lente zich voorzichtig aankondigt, een jaargetijde vol gevoelens van verlies en verdriet, en ook hoop, daar dwars doorheen. 
Maar is er meer. Ook Haydn schreef muziek op dit gegeven van het lijden, en niet zijn minste! "Die 7 letzte Worte unseres Erlösers am Kreuze" is één van Haydn's meest geliefde werken. Een week na Pasen wordt het uitgevoerd in de Zaandamse Vermaning, door het Van Dingstee Kwartet, samen met Pieter van der Woel, die de verbindende teksten voor zijn rekening neemt.
De 7 woorden zijn dezelfde die Bach's Passies zo'n sterke emotionele lading meegeven; alleen is bij Haydn ruimte voor woordelijke meditatie over die tekst. Pieter van der Woel is de best denkbare figuur om dit te doen: als muzikaal theoloog is hij in staat om intuïtieve verbindingen te leggen die menigeen zullen verrassen en blijven bezighouden, ook al is het een week na Pasen.

za. 7 april, 20.15 u., Vermaning, Westzijde 80 Zaandam Joseph Haydn: "Die sieben letzte Worte unseres Erlösers am Kreuze" Van Dingstee Kwartet en Pieter van der Woel

De Russische pianiste Olga Pashchenko behoort dankzij haar veelzijdigheid, een fabelachtige techniek en haar gepassioneerde spel tot één van de spannendste pianisten van de jonge generatie. Haar repertoire reikt van Bach en tijdgenoten op klavecimbel en Mozart en Beethoven op historische piano, tot 20ste-eeuws en hedendaags repertoire op moderne Steinway.
Geboren in 1986 in Moskou, studeerde Olga Paschenko piano vanaf haar zesde levensjaar; als negenjarige gaf ze haar eerste solorecital in New York. Naast solorecitals speelt Olga regelmatig in kamermuzikaal verband of als soliste met orkest. Buiten Rusland trad ze op in o.a. Duitsland, Frankrijk, België, Italië, Nederland, Zwitserland en de VS. Ze is regelmatig te gast bij zowel oude- als nieuwe muziekfestivals. Olga is ‘Hausmusikerin’ bij het Beethoven-Haus in Bonn, waar ze sinds 2012 vaste gast is. Hoogtepunten in het seizoen 2016/17 zijn een residency bij het Festival Oude Muziek Utrecht, met solo-recitals op klavecimbel en fortepiano en een optreden in de film Der Golem, TV-optredens bij Podium Witteman en Vrije Geluiden, en verschillende Beethoven-recitals, o.a. in het festival Maggio Musicale in Florence, het Cité de la Musique in Parijs en de Juan-March Foundation voor jonge musici in Madrid.
Olga Pashchenko studeerde aan de beroemde Gnessin School of Music in Moskou, bij onder andere Alexei Lubimov (fortepiano en moderne piano), Olga Martinova (klavecimbel) en Alexei Schmitov (orgel). Na haar studie in Rusland volgde zij een postgraduate studie in fortepiano en clavecimbel bij Richard Egarr, die ze beide ‘cum laude’ afsloot.
Tot de indrukwekkende palmares van Olga Pashchenko behoren eerste prijzen op het Festival Romantische Muziek in Moskou 2005, het Internationale Pianoconcours van Karinthië (Oostenrijk) 2006, het Internationale Orgelconcours Soli Deo Gloria in Moskou 2008, het nationale concours voor jonge talenten in Rusland 2009, het eerste Internationale Fortepianoconcours Kremsegg (Oostenrijk) 2011, het Internationale Hans-von-Bülow-concours 2012, waar zij ook de speciale Chopin-prijs won, het Oudemuziekconcours Brugge 2010 (fortepiano) en 2012 (klavecimbel, waar zij ook de publieksprijs won) en het Internationale Premio Ferrari Fortepianoconcours in Rovereto (Italië) in 2012. In juli 2014 won Olga de tweede prijs en de publieksprijs op het Bachconcours in Leipzig en het Geelvinck Fortepiano-concours in Amsterdam.
Olga’s uitvoeringen zijn gedocumenteerd met verschillende radio- en cd-opnamen. Haar eerste cd ‘Transitions’ op, met werken voor fortepiano van Dussek, Mendelssohn en Beethoven wird o.a. bekroond met een ‘10’ door het blad Luister. In 2015 verscheen een de cd “Beethoven – Variations” bij het label Alpha, dat ook haar volgende cd uit zal brengen, met de sonates Appassionata, Les Adieux en Waldstein.
In maart 2017 is Olga Pashchenko benoemd tot docent fortepiano aan het Conservatorium van Amsterdam en volgt daarmee Richard Egarr in die functie op.

 
BRISK in Canção: 17 februari 2018

De blokfluit moet in de allereerste plaats de menselijke stem imiteren, omdat ze dat zo goed kan. Dat schreef Sylvestro Ganassi in 1535. Dit nieuwe kwartetprogramma is een caleidoscoop van Spaans en Portugees repertoire dat steeds gebaseerd is op vocale muziek. Liederen zonder woorden worden uitgevoerd op een indrukwekkende verzameling blokfluiten in alle soorten en maten. BRISK speelt muziek uit de middeleeuwen en de renaissance: een Agnus Dei uit de Missa de Barcelona, en virtuoos versierde liedbewerkingen van onder meer Coelho, Carreira, Cabézon en Victoria. Maar er klinken ook nieuwe bewerkingen van romantische muziek en van fadomuziek, hartstochtelijk en melancholisch. Gijs Levelt, trompettist van de Amsterdam Klezmer Band, schreef de introductie en de finale voor dit programma, gebaseerd op een Sefardische melodie.

Bruggen
Violiste Heleen Hulst en pianist Gerard Bouwhuis vormen al vele jaren een duo, en zijn de oprichters en artistieke koersbepalers van het ensemble voor nieuwe kamermuziek Nieuw Amsterdams Peil. Als bevlogen vertolkers van twintigste-eeuwse en recentere muziek houden zij toch altijd nauw contact met de traditie van barok (Heleen) en romantiek (Gerard). 
Hun recital in Zaandam en Heiloo (20 en 21 januari) begint dan ook met de 6de vioolsonate, op. 30 no. 1, van Beethoven. Niet de getergde Beethoven die we kennen van de laatste pianosonates, maar een zingende, soms zelfs zachtjes voor zich uit neuriënde Beethoven, in harmonie met de wereld en met zichzelf.
Aansluitend bij Schubert’s Winterreise, in december zo subliem in Zaandam uitgevoerd door Matthijs Mesdag en Vaughan Schlepp, wordt “Wie der alte Leiermann” van Leonid Desyatnikov gespeeld. Het droevige draailiermotief dat na de Winterreise nog dagen spookachtig door je hoofd speelt, krijgt hierin een geheel nieuwe context.
Ook in de overige programma-onderdelen worden bruggen geslagen: tussen Griekenland en Nederland, door de al jaren hier werkende, van oorsprong Griekse componiste Calliope Tsoupaki; en tussen Rusland en de VS, door Lera Auerbach. Deze Russin van geboorte vluchtte als 17-jarige naar de VS, waar zij zeer succesvol werd als pianiste, componiste, schrijfster en beeldend kunstenaar. In haar muziek legt zij talloze verbindingen, niet alleen tussen beide grote volkeren, maar vooral tussen verleden en toekomst. Volkomen geworteld in de traditie vindt zij toch een moderne, geheel eigen muzikale expressie, die vanaf de eerste seconden boeit en een wonderlijk maar direct aansprekend verhaal vertelt. 
Lera Auerbach
Russian-American composer and concert pianist Lera Auerbach is one of today’s most sought after and exciting creative voices. Auerbach’s intelligent and emotional style has connected her to audiences around the world and her work is championed by today’s leading performers, conductors, choreographers, choirs and opera houses.
Auerbach is equally prolific in literature and the visual arts (especially painting and sculpture) and incorporates these forms into her professional creative process, simultaneously expressing  ideas visually, in words, and through music. She has published three books of poetry in Russian and her first English-language book, “Excess of Being” – in which she explores the difficult form of the aphorism – was published by Arch Street Press in 2015. Her visual art has been included in several exhibitions, is often exhibited at performances of her musical work, and has been reproduced in magazines, CDs and books. As a poet, Ms. Auerbach has been long established and was named Poet of the Year in 1996 by the International Pushkin Society in New York. Her poetry and prose has been included in various anthologies and high school textbooks. She is the author of several librettos and is a regular contributor to the Best American Poetry blog through her column, The Trouble Clef.
Auerbach was raised in the Russian city of Chelyabinsk on the border of Siberia. She graduated with bachelor’s and master’s degree in composition from the Juilliard School and a post- graduate degree in piano from Hanover University.
Innerlijke Odyssee
9 Augustus 1975 overleed in Moskou een van de belangrijkste componisten uit de twintigste eeuw, tevens een van de grootste vertegenwoordigers van de Russische cultuur: Dimitri Shostakovich. Terwijl reeds de volgende dag de media in vrijwel de hele wereld over het overlijden van de componist berichtten, gunde de Pravda als officieel orgaan van de Sovjet machthebbers zich wat meer tijd. Pas drie dagen later publiceerde het blad op pagina drie een onopvallend berichtje met de volgende inhoud:“In zijn 69e jaar stierf de grootste componist uit onze tijd, Dimitri Shostakovich, afgevaardigde van de Opperste Sovjet van de USSR, Held van de socialistische arbeid, Volkskunstenaar van de USSR, onderscheiden met de Lenin prijs en met staatsprijzen van de USSR. Als trouwe zoon van de communistische partij…..” – enzovoorts, enzovoorts. Deze doortrapte huichelarij gold een componist die als geen ander in de muziekgeschiedenis leed onder de terreur van een schrikregiem en die werd achtervolgd door officiële veroordelingen en uitvoeringsverboden. Zijn muziek is alleen bezien tegen deze biografische achtergrond begrijpelijk. (…)
Frappant genoeg was Shostakovitch ondanks al deze bedreigingen een heel productieve componist. Zijn laatste werk, de altvioolsonate, draagt het opusnummer 147. Hij componeerde volledig uit het hoofd, het snelle noteren was dan nog slechts een schematische taak. Pas betrekkelijk laat vond Shostakovich de weg naar het strijkkwartet die bij hem samenviel met een innerlijke emigratie.(…) Het gaat hier om heel persoonlijke getuigenissen: Bekenntnismusik, die de levensfasen van de componist als mijlpalen markeren. (…)Deze muziek dwingt een componist om zich met intieme middelen op het wezenlijke te concentreren. (…)
Shostakovich ontwikkelde een eigen tactiek bij het schrijven van kwartetten. “Men verklaart slechts aan een groot werk ter ere van het socialisme te werken. Men krijgt dan enige tijd rust en schrijft een strijkkwartet”, vertelde hij zelf. Natuurlijk, ook de strijkkwartetten hebben niet alle eenzelfde hoog soortelijk gewicht, maar als geheel telt de cyclus tot het beste en belangrijkste wat de 20
e eeuwse kwartetliteratuur opleverde. Het visionaire karakter van de late kwartetten weerspiegelt – net als destijds bij Beethoven en Bartók – de persoonlijke gesteldheid van de componist, getekend door angst, pijn, ziekte en de nabije dood. De structuur wordt gecompliceerder, er treden klankmatige vervreemdingen en twaalftoons vormingen op, het verstoppertje spelen dat steeds als camouflage diende, is afgelopen, de taal wordt directer, kariger, meedogenlozer. Dat bereikt zijn hoogtepunt in het 15e kwartet uit 1974 met zijn vijf adagio’s. Als geheel vormt de cyclus van vijftien een innerlijke odyssee waarin een gebied van toenemende spirituele isolatie wordt verkend. 

(Uit: Shostakovich, de 15 strijkkwartetten, door Jan de Kruijff)

Zie ook de interessante
analyse van Robert Matthew Walker